Het HBSC-onderzoek van 2025 toont een daling van online gokken onder scholieren: 5,1% gokte het afgelopen jaar, tegenover 6,7% in 2023. Vooral jongens gokken minder, maar sportweddenschappen blijven populair. Grote verschillen tussen schoolniveaus.
### Het HBSC-onderzoek: een vierjaarlijkse peiling
Stel je voor: elke vier jaar krijgen duizenden scholieren in Nederland een vragenlijst voorgeschoteld over hun gezondheid en welzijn. Dat is het HBSC-onderzoek, uitgevoerd door de Universiteit Utrecht en het Trimbos-instituut. Deze editie werden 5.103 leerlingen van 12 tot 16 jaar ondervraagd. En de resultaten? Die zijn best verrassend.
Het onderzoek gaat niet alleen over gokken. Het raakt ook mentale gezondheid, schoolbeleving, sociale media, gamen, middelengebruik, bewegen en sociale relaties. Door de cijfers te vergelijken met die van 2023, ontstaat een duidelijk beeld van wat er verandert.
### Daling bij online gokken
Goed nieuws: het percentage scholieren dat in het afgelopen jaar online gokte voor geld is significant gedaald. In 2023 ging het nog om 6,7% van de ondervraagden, in 2025 is dat 5,1%. Een flinke afname, vooral onder jongens.
- In 2025 gaf 8,3% van de jongens aan online te hebben gegokt voor geld. Twee jaar eerder was dat nog 11,4%. Dat is een daling van meer dan een kwart.
- Bij meisjes is er nauwelijks verandering: 1,9% in 2023 versus 1,8% in 2025. Jongens gokken dus nog steeds aanzienlijk vaker dan meisjes.
### Sportweddenschappen populair
Welke vormen van online gokken zijn het populairst? Wedden op sport staat met stip op één. 3,3% van de scholieren gaf aan in het afgelopen jaar online op sportwedstrijden te hebben gegokt.
Daarna volgen online casinospellen (2,3%), andere online gokspellen (2,2%) en fruitautomaten (1,2%). Sportweddenschappen zijn dus duidelijk favoriet.
### Leeftijd en schoolniveau: grote verschillen
Oudere scholieren gokken vaker. Van de vijftienjarigen gokte 8,0% online voor geld, van de zestienjarigen 7,6%. Bij twaalfjarigen ligt dat op 2,3%, bij dertienjarigen op 3,9% en bij veertienjarigen op 4,6%.
Ook tussen schoolniveaus zien we opvallende verschillen:
- vmbo-b/k: 6,9%
- vmbo-g/t: 6,5%
- havo: 4,9%
- vwo: 2,5%
Met andere woorden: op het vmbo-b/k wordt bijna drie keer zo vaak online gegokt als op het vwo. De onderzoekers noemen dit verschil significant.
> “Vwo-leerlingen gokken significant minder vaak online dan leerlingen op vmbo-b/k, vmbo-g/t en havo,” aldus de onderzoekers.
### Wat betekent dit?
De daling is bemoedigend, maar er is nog werk aan de winkel. Vooral onder jongens en op lagere schoolniveaus blijft online gokken een aandachtspunt. Bewustwording en preventie blijven belangrijk.
Het volledige rapport is te vinden via de kanalen van Trimbos.