Meer gokschade bij etnische minderheden: wat de UKGC-analyse onthult

·
Luister naar dit artikel~4 min
Meer gokschade bij etnische minderheden: wat de UKGC-analyse onthult

De UKGC analyseerde gokgedrag onder etnische groepen in Groot-Brittannië. Loterijen vertekenen deelnamecijfers, maar minderheden ervaren meer gokschade. Wat betekent dit voor Nederland?

De Britse toezichthouder UKGC publiceerde op 27 oktober 2026 een onderzoek waar je even bij stil staat. Ze voegden gegevens samen uit de Gambling Survey for Great Britain van 2023, 2024 en 2025. De onderzoekers keken naar deelnemers met een witte, gemengde, Aziatische, zwarte of andere etnische achtergrond. En wat blijkt? De verschillen zijn groter dan je op het eerste gezicht zou denken. ### Loterijen vertekenen het beeld Op het eerste gezicht lijken sommige cijfers geruststellend. Van de deelnemers met een witte achtergrond had 50,3% in de vier weken voorafgaand aan het onderzoek gegokt. Bij de andere groepen lag dat tussen 28,6% en 44,1%. Een duidelijk verschil, toch? Maar volgens de UKGC komt dat vooral doordat mensen met een witte achtergrond vaker meededen aan loterijen. Kijk je naar andere kansspelen, dan draait het beeld om. Deelnemers uit etnische minderheidsgroepen namen bij veel afzonderlijke spelsoorten juist vaker deel. Ze speelden ook gemiddeld meer verschillende soorten kansspelen. De toezichthouder waarschuwt daarom dat algemene deelnamecijfers belangrijke verschillen kunnen verhullen. Het is dus oppassen met conclusies op basis van één getal. ### Meer gokschade bij etnische minderheden De verschillen op de Problem Gambling Severity Index (PGSI) zijn nog opvallender. Deze vragenlijst meet met negen vragen het risico op problematisch gokgedrag. In de totale onderzochte bevolking had 1,9% van de deelnemers met een witte achtergrond een score van 8 of hoger. Bij deelnemers met een gemengde of meervoudige etnische achtergrond was dat maar liefst 7,7%. Deelnemers uit minderheidsgroepen meldden daarnaast drie tot vier keer vaker nadelige gevolgen voor hun gezondheid, relaties of financiële situatie. En dat verschil was ook zichtbaar bij deelnemers met een PGSI-score van nul. Van hen meldde 2,7% van de witte deelnemers minimaal één nadelig gevolg, tegenover 7% tot 10,6% bij de andere groepen. Dat zet je toch aan het denken. De verschillen in PGSI-scores bleven bestaan nadat de onderzoekers corrigeerden voor factoren als leeftijd, inkomen, opleiding, sociaaleconomische omstandigheden en de gespeelde kansspelen. De analyse toont dus een verband, maar geeft geen verklaring. En ze bewijst ook niet dat iemands etnische achtergrond de oorzaak is van gokschade. Het is een correlatie, geen causaliteit. ### Kleine subgroepen beperken de zekerheid De UKGC plaatst zelf kanttekeningen bij de uitkomsten. De categorieën omvatten brede en uiteenlopende bevolkingsgroepen. Sommige steekproeven waren bovendien klein. Tegenover 43.809 deelnemers met een witte achtergrond stonden bijvoorbeeld slechts 337 deelnemers in de categorie ‘andere etnische achtergrond’. Hierdoor zijn sommige schattingen gevoeliger voor uitschieters. Je moet de cijfers dus met de nodige voorzichtigheid interpreteren. > “Een lagere algemene gokdeelname betekent niet automatisch dat een bevolkingsgroep ook minder gokschade ervaart.” ### Wat betekent dit voor Nederland? De Britse resultaten kun je niet zomaar op Nederland toepassen. Maar voor de Nederlandse discussie is vooral relevant dat een lagere algemene gokdeelname niet automatisch betekent dat een bevolkingsgroep ook minder gokschade ervaart. De UKGC pleit voor aanvullend onderzoek naar de achterliggende oorzaken en naar de toegankelijkheid van hulp. Uit het onderzoek blijkt namelijk dat van de deelnemers met een PGSI-score van 3 of hoger ongeveer driekwart geen hulp had gezocht. Dat is een zorgwekkend signaal. ### Verantwoording Dit artikel is gebaseerd op Brits onderzoek en beschrijft de Britse situatie. De deelnemers kozen zelf welke etnische achtergrond hen volgens de Britse bevolkingsindeling het beste omschreef. Deze categorieën komen niet rechtstreeks overeen met de Nederlandse indeling naar herkomst. Bij de Nederlandse vertaling en formulering is het taaladvies van Onze Taal over het sensitief benoemen van huidskleur en etnische achtergrond gevolgd. Daarom gebruiken we onder meer ‘wit’ als vertaling van de Britse onderzoekscategorie ‘White’ in plaats van blank. Heb je hier ideeën bij of opmerkingen over? Neem dan gerust contact met ons op via het contactformulier.