Waarom steeds meer jongeren in de bijstand belanden: gokken en BNPL onder vuur

·
Luister naar dit artikel~5 min
Waarom steeds meer jongeren in de bijstand belanden: gokken en BNPL onder vuur

Het aantal jongeren in de bijstand stijgt al dertien kwartalen op rij. Kamerlid Wimar Bolhuis stelt vragen over online gokken en BNPL-diensten als mogelijke oorzaken. Wat gaat de minister doen?

Het aantal jongeren in de bijstand blijft maar stijgen. Al dertien kwartalen op rij zien we dat steeds meer jongvolwassenen afhankelijk worden van een uitkering. Dat is een zorgwekkende trend, zeker omdat niemand precies lijkt te weten waarom dit gebeurt. Deze week stelde PRO-Kamerlid Wimar Bolhuis hier kritische Kamervragen over aan minister Thierry Aartsen van Werk en Participatie. De focus ligt daarbij op twee mogelijke boosdoeners: online gokken en buy now pay later-diensten (BNPL). Het NRC besteedde vorige week uitgebreid aandacht aan deze ontwikkeling. In het artikel kwamen zowel jongeren in de bijstand als experts aan het woord. Wat vooral opviel: er is nauwelijks wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de oorzaken van deze stijging. Onderzoekers geven toe dat ze geen eenduidige verklaring hebben. Dat gebrek aan inzicht maakt het lastig om gericht beleid te voeren. ### De rol van online gokken en BNPL Een van de meest genoemde oorzaken is de toename van online gokken onder jongeren. Mede door de invloed van influencers op sociale media lijken jongeren op zoek te zijn naar manieren om snel geld te verdienen. Helaas leidt dat voor een deel van hen juist tot grote schulden. Daarnaast spelen buy now pay later-diensten een belangrijke rol. Het is verleidelijk om iets nu te kopen en later te betalen, maar voor jongeren die al weinig financiële buffer hebben, kan dit snel uitmonden in problematische schulden. Bolhuis wil van de minister weten of hij dit beeld herkent. In zijn vragen stelt hij letterlijk: "Herkent u dat jongeren kort na hun achttiende relatief vaak en steeds vaker in problematische schulden raken, mede door online gokken of 'buy now pay later'-diensten, en dit bijdraagt aan bijstandsinstroom?" Het is een terechte vraag, want de gevolgen voor deze jongeren zijn groot. ### Wie is er verantwoordelijk? Een opvallend punt in de Kamervragen is de vraag over beleidsverantwoordelijkheid. Bolhuis wil namelijk weten welke bewindspersoon verantwoordelijk is voor de samenhang tussen online kansspelen, consumentenkrediet, schuldenbeleid en de bijstandsinstroom van jongeren. Dat is een terechte vraag, want deze problematiek raakt aan meerdere ministeries. Zonder duidelijke eigenaar dreigt er niemand verantwoordelijk te zijn voor een integrale aanpak. De cijfers zijn in ieder geval zorgwekkend. Het aantal jongeren in de Participatiewet stijgt sneller dan bij andere leeftijdsgroepen. Daarbij komt dat werkende jongeren relatief vaak een flexibel contract hebben. Bij economische tegenslag zijn zij dan ook vaak de eersten die hun baan verliezen. Dat maakt hun positie extra kwetsbaar. ### Wat gaat de minister doen? Bolhuis vraagt Aartssen niet alleen naar de huidige situatie, maar ook naar concrete maatregelen. Hij wil weten hoe de instroom van jongeren in de bijstand zich de afgelopen vijf jaar heeft ontwikkeld, uitgesplitst naar leeftijd, achtergrond en reden van instroom. Daarnaast pleit hij voor periodieke rapportage aan de Kamer over de voortgang van eventuele maatregelen. De minister staat dus voor een lastige opgave. Enerzijds moet hij erkennen dat er onvoldoende onderzoek is gedaan naar de oorzaken. Anderzijds wordt hij gevraagd om nu al met oplossingen te komen. Dat is geen onmogelijke combinatie, maar het vereist wel een gedegen aanpak. Zowel preventie als vroegsignalering van schulden zullen daarbij centraal moeten staan. ### Een breed probleem Wat dit verhaal extra complex maakt, is dat het niet alleen om geld gaat. Het gaat ook om mentale gezondheid, sociale druk en de invloed van online omgevingen. Jongeren van nu groeien op in een wereld waarin alles direct beschikbaar is, inclusief krediet en kansspelen. Zonder goede financiële opvoeding is de kans op misstappen groot. Het is dan ook te hopen dat de minister niet alleen met woorden komt, maar ook met daden. De Kamervragen van Bolhuis leggen een belangrijk probleem bloot dat om structurele aandacht vraagt. Alleen door beter te begrijpen waarom jongeren in de bijstand belanden, kunnen we deze trend keren. De komende maanden zal blijken of Aartssen bereid is om onderzoek te laten doen naar de oorzaken. Eén ding is zeker: de tijd dringt. Elk kwartaal dat de stijging doorzet, betekent weer nieuwe jongeren die afhankelijk worden van een uitkering. Dat is een ontwikkeling die we ons als samenleving niet kunnen veroorloven.