Waarom de Erasmus Universiteit gokproblemen bij jongeren wil voorspellen

·
Luister naar dit artikel~4 min
Waarom de Erasmus Universiteit gokproblemen bij jongeren wil voorspellen

De Erasmus Universiteit start een onderzoek naar vroege risicofactoren voor gokproblemen bij jongeren. Met data van duizenden jongeren hoopt men te voorspellen wie extra kwetsbaar is.

De Erasmus Universiteit Rotterdam is een onderzoek gestart naar de vroege risicofactoren voor gokproblemen bij jongeren. Het onderzoek werd op woensdag 7 oktober aangekondigd en richt zich op de vraag welke psychologische, sociale, demografische en omgevingsfactoren kunnen voorspellen of iemand later problematisch gokgedrag ontwikkelt. Volgens de universiteit is daar nu nog te weinig over bekend. Door die factoren beter in kaart te brengen, hopen de onderzoekers te ontdekken welke jongeren een verhoogd risico lopen. Dat moet uiteindelijk leiden tot betere preventie en vroegtijdige herkenning van risicovol gokgedrag. ### Duizenden jongeren jarenlang gevolgd Voor het onderzoek maken de wetenschappers gebruik van drie grote Nederlandse studies: Generation R, Amsterdam-Born Children and their Development (ABCD) en Growing Up Together in Society (GUTS). In deze studies zijn duizenden jongeren jarenlang gevolgd. De gegevens gaan over hun psychologische ontwikkeling, sociale omgeving en persoonlijke omstandigheden. Soms is informatie beschikbaar vanaf de zwangerschap tot aan de jongvolwassenheid. Dat biedt een unieke kans om te zien welke factoren al vroeg in het leven samenhangen met gokproblemen op latere leeftijd. ### Waarom eerdere onderzoeken tekortschieten Veel bestaande onderzoeken naar gokgedrag gebruiken gegevens die op één moment zijn verzameld. Daardoor is het lastig om te bepalen of psychische problemen vóór het gokken komen of juist het gevolg ervan zijn. Binnen Generation R en GUTS worden daarom nieuwe gegevens over gokgedrag verzameld. Zo willen de onderzoekers de ontwikkeling van gokgedrag volgen tijdens de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid. Dat is een periode waarin veel jongeren voor het eerst met gokken in aanraking komen. > “We willen niet achteraf constateren dat het misging, maar vooraf kunnen inschatten wie extra aandacht nodig heeft.” – aldus een betrokkene bij het project. ### Focusgroepen met jongeren en ervaringsdeskundigen Naast het analyseren van bestaande data, worden ook jongeren tussen de 15 en 25 jaar die gokken en mensen met eerdere gokproblemen betrokken. In focusgroepen delen zij hun ervaringen. Dat helpt om risicofactoren scherper in beeld te krijgen. Het onderzoek maakt deel uit van het vijfjarige project 'Vroeg inzicht, minder gokschade'. Een consortium onder leiding van Tilburg University ontving daarvoor eerder € 2,5 miljoen subsidie van ZonMw. Ingmar Franken en Susanne de Rooij leiden binnen dit consortium het onderzoek naar het voorspellen van gokproblematiek. Het project gaat op 1 december 2026 van start. Voor het onderzoek aan de Erasmus Universiteit wordt ook een promovendus aangesteld. ### Wat dit betekent voor de toekomst De komende jaren moet duidelijk worden welke factoren echt voorspellend zijn. Als dat lukt, kunnen preventieprogramma’s veel gerichter worden ingezet. Denk aan voorlichting op scholen, ondersteuning voor jongeren met een verhoogd risico en betere screening in de zorg. Uiteindelijk hopen de onderzoekers dat minder jongeren in de problemen komen door gokken. Dat is niet alleen winst voor henzelf, maar ook voor hun omgeving en de samenleving als geheel.