Waarom een Cruks-koppeling met het CCBR meer kwaad dan goed doet
Emma Bakker ·
Luister naar dit artikel~4 min
Een automatische gokstop voor mensen onder beschermingsbewind lijkt logisch, maar bewindvoerder Nelis van Steenoven waarschuwt voor onnodige uitsluiting. Een registratie in het CCBR zegt niets over iemands gokgedrag.
Een automatische gokstop voor mensen die onder beschermingsbewind staan: het klinkt misschien als een logische beschermingsmaatregel. Maar volgens bewindvoerder Nelis van Steenoven kan zo'n ingreep juist leiden tot onnodige uitsluiting van een kwetsbare groep. Hij waarschuwt nadrukkelijk voor een koppeling tussen het Centraal curatele- en bewindregister (CCBR) en het Centraal Register Uitsluiting Kansspelen (Cruks). Zijn belangrijkste argument: een registratie in het CCBR zegt namelijk helemaal niets over iemands gokgedrag.
## De plannen voor een automatische koppeling
Drie jaar geleden maakte Fairplay Online al bekend geen spelers toe te laten die in het CCBR staan. Het bedrijf ziet die controle als een vorm van verantwoord ondernemen. Ook Michel Groothuizen, voorzitter van de Kansspelautoriteit, pleitte eerder voor een directe koppeling tussen beide registers. Zijn redenering: "Door het CCBR direct en integraal aan Cruks te koppelen, bieden we optimale bescherming aan een uiterst kwetsbare groep." Volgens Groothuizen zouden bewindvoerders en curatoren zelf ook behoefte hebben aan zo'n maatregel.
Daarnaast kwam staatssecretaris Claudia van Bruggen in juni met een ander voorstel. In haar voortgangsbrief over de overkoepelende speellimieten wil ze dat er wordt gecontroleerd of iemand onder bewindvoering of curatele staat zodra diegene een verhoging van zijn speellimiet aanvraagt.
## Waarom een bewindvoerder fel tegen is
Toch is lang niet iedereen overtuigd van het nut van zo'n automatische uitsluiting. Van Steenoven, die zich in een opiniestuk op Substack fel uitspreekt tegen de plannen, noemt het een "forse, disproportionele ingreep die mensen nog verder buiten de samenleving plaatst". Zijn kernpunt is helder: "Het voorstel gaat voorbij aan een cruciaal punt: niet iedereen in dit register heeft een gokprobleem."
Het probleem zit hem volgens hem in het feit dat de uitsluiting wordt gebaseerd op een CCBR-registratie, terwijl dat register helemaal geen uitsluitingsregister is. Het CCBR heeft een doeltreffende, administratieve functie en er staan ook mensen ingeschreven zonder schulden. Sterker nog: mensen komen er ook in terecht vanwege lichamelijke of geestelijke omstandigheden, zo is te lezen op de officiële website van het register.
## Register zegt niets over gokgedrag
Van Steenoven verwijst op Substack naar eerdere uitspraken van het College voor de Rechten van de Mens. Dat college stelde dat een ongelijke behandeling op basis van een bewind dat om medische redenen is ingesteld, neerkomt op verboden onderscheid. Door iedereen uit het CCBR automatisch in Cruks in te schrijven, wordt ook deze groep geregistreerd zonder dat daar enige aanleiding voor is.
Dat is onnodig, benadrukt hij, want bewindvoerders kunnen eenvoudig zelf een Cruks-inschrijving regelen als zij dat nodig achten voor hun cliënten. De kern van een beschermingsmaatregel zou volgens hem juist inclusie moeten zijn: zorgen dat mensen zo goed mogelijk kunnen meedoen in de samenleving. In plaats daarvan zien we nu dat CCBR-geregistreerden vaak de dupe zijn van kredietregistratiebureaus die het register misbruiken door negatieve adviezen te geven.
## Zelfbeschikking tegenover risicobeheersing
Van Steenoven pleit daarom voor een ander uitgangspunt. "Als bewindvoerder zou je iemand ook toestemming moeten kunnen geven om met een klein bedrag te gokken, net als ieder ander", stelt hij. In plaats van veiligheid en risicobeheersing als leidend principe te nemen, zou de focus moeten liggen op participatie en zelfbeschikking.
De discussie raakt aan een breder spanningsveld: hoe bescherm je kwetsbare mensen zonder hen hun autonomie te ontnemen? Een automatische koppeling tussen CCBR en Cruks lijkt op het eerste gezicht veilig, maar kan in de praktijk juist stigmatiserend werken. Het is dan ook de vraag of de Kansspelautoriteit en de staatssecretaris de kritiek van Van Steenoven zullen meenemen in hun verdere besluitvorming. Voor nu blijft het een heikel punt waar voor- en tegenstanders lijnrecht tegenover elkaar staan.